In deze studie zijn naast de technische aspecten ook de omgevingsfactoren met betrekking tot wet- en regelgeving en marktaspecten in beeld gebracht. Totale hergebruikketens zijn geformuleerd die een standpunt kunnen vormen voor waterschappen ter ondersteuning van besluitvorming óf en op welke wijze tot fosforterugwinning kan worden gekomen. Het rapport is een uitgave van Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer.

Lees hier het rapport

Background of quality standards in the Netherlands, Denmark, Germany, United Kingdom and Flanders.

Lees hier het rapport

Bij permanent opstallen, daalt de NH3-emissie vanaf stal tot en met toedienen met 54 tot 65% door mest aan te zuren tot pH 5,5. Aanzuren kan met zwavelzuur, maar dat leidt tot een hoge zwavelaanvoer naar percelen. Bij biologisch aanzuren worden via fermentatie van organische fracties in mest organische zuren gevormd. Vers organisch substraat is nodig om de pH voldoende te laten dalen. Om biologisch aanzuren economisch aantrekkelijk te laten zijn dient deze hoeveelheid te worden geminimaliseerd. Dit kan naar verwachting door te sturen op de mestkwaliteit, de versheid van de mest, de temperatuur, het toevoegen van melkzuurbacteriën en zeoliet. Bijkomende voordelen van biologisch aanzuren zijn minder NH4-emissie en schuimvorming in de mest en de mest wordt beter geschikt voor biogas.

Project: 1422
Opdrachtgever: Productschap Zuivel
Projectmanager: Wim Bussink

Lees hier de samenvatting en conclusies van het rapport
Lees hier het rapport


 
   
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
 
 
 


Is bioslurry from household digesters a better fertilizer than manure. A literate review.

Lees hier het rapport

Recente beleidsontwikkelingen geven aan dat maaisel en groene materialen uit natuurgebieden en parken hergebruikt mogen worden zolang er geen milieurisico optreedt. Deze stoffen vallen dan niet meer onder het regime dat geldt voor afvalstoffen. Hergebruik is dan zonder enige bewerking mogelijk. De Branche Verening Organische Reststoffen (BVOR) is van mening dat de voorgestelde vrijstelling voor natte, gemengde materialen, afkomstig uit natuur, bos, landschap en groenvoorzieningen, grote risico's met zich meebrengt. Deze risico's zijn vooral van belang waar het gaat om de grote kringloop. Bij de grote kringloop wordt het materiaal verzameld, vaak tijdelijk opgeslagen in een depot en vervolgens in grote hoeveelheden geleverd naar akkerbouwbedrijven of gebruikt op maïspercelen. Akkerbouw- en maïspercelen hebben namelijk vaak behoefte aan de aanvoer van organische stof.
Het NMI heeft op basis van bestaande literatuur de risico's geschat die samenvallen met het vrijkomen en onderwerken van deze reststromen in de agrarische sector. Hierbij is specifiek gekeken naar de verspreiding van onkruiden, pathogenen, zware metalen, organische verontreinigingen en ongewenste milieueffecten die samenhangen met de afbraak van organische stof in de bodem.

Lees hier het rapport